FD: Mastiline | 'Met een uitvinding ben je er nog niet'

News item 23 augustus 2016
Mastiline maakt een apparaat dat een zieke koe tijdens het melken uitpikt. Hun uitdaging: ze moeten het niet verkopen aan de boer, maar aan de fabrikant van de melkrobot.

 

Vroeger voelden boeren tijdens het melken dat een koe ziek dreigde te worden. Door melkrobots blijven boeren op afstand. Mastiline brengt een nieuwe methode op de markt om uierontsteking weer vroeg op te sporen. Medeoprichter Evert van de Werfhorst: 'Zoiets doe je er niet op een vrijdagmiddag bij.'

Voor melkveehouders zijn weinig cijfers zo belangrijk als het celgetal, het aantal witte bloedlichaampjes per milliliter melk. Een hoog celgetal wijst erop dat een koe mastitis heeft, uierontsteking. Vroeger voelden boeren tijdens het melken al dat een koe niet lekker in haar vel zat. Met wat rust en desinfecteren van de uier en de spenen kwam het meestal wel in orde.

Nu het melken door robots is overgenomen, komen boeren er vaak pas te laat achter. Dan is de melkproductie al fors teruggelopen, moet de veearts erbij komen en wordt al snel naar antibiotica gegrepen. Het bedrijf Mastiline heeft een methode ontwikkeld waarmee een melkrobot het celgetal kan meten, waardoor boeren al vroeg weten dat een koe ziek dreigt te worden.

Verder ontwikkelen

De ingewikkelde manier om het celgetal tijdens het melkproces te meten, is uitgedokterd door wetenschappers van de Universiteit Utrecht. Maar de uitvinders van het eerste uur hebben het grootschalig produceren van hun meetinstrument overgedragen aan Evert van de Werfhorst en Anna Farrenkopf.
'Om eerlijk te zijn, is het redelijk gemakkelijk om een testmodel van het instrument te maken. Maar als je ze in grote hoeveelheden wilt assembleren, en zo dat ze in melkrobots kunnen worden ingebouwd, moet je ze verder ontwikkelen. En dat doen wij', zegt Van de Werfhorst. Beiden ondernemers hebben daar ervaring mee. Eerder brachten levensmiddelentechnoloog Van de Werfhorst en de gepromoveerde chemica Farrenkopf nieuwe instrumenten in productie om bijvoorbeeld vetzuren en sporenelementen in water te meten. Nadat ze in 2015 hun vorige bedrijf hadden verkocht, ging het duo op zoek naar iets nieuws. Tijdens gesprekken met een mogelijke nieuwe opdrachtgever werd gevraagd of ze wellicht belangstelling hadden voor Mastiline.

Van een leien dakje

'De lastigste opgave was het overtuigen van de uitvinders dat hun vinding nog geen gereed product was', zegt Van de Werfhorst. 'Zij meenden dat alles al geregeld was, maar fabrikanten van melkrobots en financiers dachten daar heel anders over. Bovendien vereist het naar de markt brengen van de vinding de volledige aandacht en betrokkenheid van een team; het is niet iets dat je er op vrijdagmiddag naast doet.'


Sinds die hobbel genomen is, gaat het eigenlijk van een leien dakje. Medio mei werd bekend dat Mastiline drie belangrijke financiers aan zich heeft weten te binden: de Noord-Nederlandse investeringsmaatschappij NOM, Doefonds Frieslân en de particuliere investeringsmaatschappij Shift Invest. Samen hebben zij ruim een miljoen euro in het bedrijf geïnvesteerd. Veel wil Van de Werfhorst er niet over vertellen, maar wel dat deze drie externe financiers, de groep van oorspronkelijke oprichters, en het bedrijf van Farrenkopf en hemzelf 'ongeveer gelijke belangen' in Mastiline hebben. Na de komst van de Noord-Nederlandse investeerders is Mastiline van Utrecht naar Heerenveen verhuisd. 'Samenwerking met stakeholders is belangrijk. Hier zitten grote veeboeren, fabrikanten van melkrobots, en de dairy campus van de Universiteit Wageningen', legt Farrenkopf uit. Bovendien woont zij – net als Van de Werfhorst – al langer in Friesland.

 

Over de brug

Van de Werfhorst en Farrenkopf deden met hun vorige bedrijf ook al zaken met de NOM, dus het contact was er al. Maar de drie investeringsmaatschappijen kwamen pas over de brug nadat Mastiline erin geslaagd was grote fabrikanten van melkrobots voor hun product te interesseren. 'Vijf van de pakweg zeven grote fabrikanten hebben zelf ook geld toegezegd voor verdere ontwikkeling. We werken nauw samen met hun ontwikkelteams', aldus Van de Werfhorst. 'Geen van die fabrikanten heeft exclusiviteit bedongen, maar ieder heeft zijn eigen plan. Sommige willen het instrument vast in hun robot integreren, anderen willen het als optie aan boeren aanbieden.'


Het meetinstrument van Mastiline komt volgend jaar in productie. Farrenkopf en Van de Werfhorst hebben er alle vertrouwen in. Weliswaar worden overal ter wereld methoden ontwikkeld om mastitis in een zo vroeg mogelijk stadium en gewoon tijdens het melkproces op te sporen, maar niemand zou dat zo snel en nauwkeurig doen als Mastiline. Dat hebben de robotfabrikanten volgens hen ook in de gaten. 'We hebben in het begin nog even onderzocht of we ons meetinstrument ook rechtstreeks aan boeren zouden kunnen verkopen, maar daarvoor zit er te weinig marge op het product', zegt Van de Werfhorst. Een melkrobot kost een tot 1,3 ton, een Mastiline-apparaat kost een paar procent van dat bedrag.

Meer melkrobots

Dat zij met hun strategie nu afhankelijk worden van anderen, deert het tweetal niet. 'Wereldwijd worden er jaarlijks zo'n 7.500 melkrobots verkocht, maar de verwachting is dat dat binnen afzienbare tijd naar 20.000 stijgt. Niet alleen gaan steeds meer boeren in het buitenland melken met robots, ook kleine boeren in Nederland doen dat. Nu een boer het werk vaak alleen moeten doen, bijvoorbeeld omdat de partner een baan in de stad heeft, is een melkrobot een uitkomst', zegt Farrenkopf.


Verkoop van het meetinstrument alleen blijkt overigens niet de enige bron van inkomsten voor Mastiline te zijn. Om de hoogte van het celgetal te meten, hebben de boeren elke keer ook een speciale reactievloeistof nodig. 'Ook dat stofje is ons intellectueel eigendom. Ook dat gaan wij produceren. Ik schat dat het ongeveer de helft van de business zal zijn', zegt Van de Werfhorst. Dat zal boeren volgens hem niet afschrikken. Daarvoor is de voortdurende strijd tegen mastitis veel te belangrijk.
Rene Bogaarts is freelance journalist.
Het Oordeel

Wat vindt de neutrale investeerder van deze start-up? Deze week: Maarten Goossens

Met 9% per jaar is de veterinaire diagnostiek het snelst groeiende segment binnen de wereldwijde diergezondheid markt van $25 mrd. Deze groei wordt gedreven door de behoefte aan diervriendelijke en antibiotica-vrije veeteelt, waarbij voorkomen beter is dan genezen. Eerder deze maand nog kocht Zoetis, marktleider op het gebied van diergezondheid, het Deense SMB voor $80 mln voor haar lab-on-a-chiptechnologie.

Mastiline richt zich op een van de grootste indicaties in melkkoeien: circa een derde van hen wordt getroffen door mastitis. De schatting is dat deze ziekte wereldwijd $35 mrd schade veroorzaakt, vooral door lagere productie (66%) en door sterfte (22%). Doordat Mastiline mastitis subklinisch kan identificeren kan de schade zo veel mogelijk beperkt blijven. De toepassing van de test in melkrobots is praktisch omdat het in bestaande processen kan worden opgenomen.


Ik begrijp dat de meetmethode is gebaseerd op twintig jaar oude technologie die is ontwikkeld door een Zweeds veterinair instituut. Ik vraag me daardoor af hoe het intellectueel eigendom wordt beschermd.


Buiten mogelijke concurrentie van traditionele testmethoden zal visietechnologie een grotere rol gaan spelen in de diagnostiek. Zo kan bij melkkoeien door het gebruik van infraroodcamera's in een vroeg stadium vastgesteld worden of de temperatuur van de uiers afwijkt. Een hightechoplossing maar in de basis geïnspireerd op de traditionele gebruiken van de boer.

Source: Financieel Dagblad

 



Back


Share this article:

Contact us

Laan van Kronenburg 14
1183 AS Amstelveen
T 020 3032071
E info@shiftinvest.com
KvK: 61295922